Polariseren helpt dialoog over levenseinde niet verder

Geschreven door René Héman, Voorzitter KNMG

René Héman

Begin februari nam ik deel aan een paneldiscussie over euthanasie bij dementerenden van de NVVE. De focus lag op de vraag wat de waarde is van de schriftelijke wilsverklaring bij dementerenden. Een deel van de aanwezigen vond de wilsverklaring als zodanig afdoende om euthanasie te kunnen uitvoeren als een patiënt vergevorderd dement is. Dat was tenslotte de wil van de patiënt. Anderen verwezen naar de wettelijke zorgvuldigheidseisen en professionele normen waar ook nog aan voldaan moet worden. Met name speelde de vraag of je dan nog kunt vaststellen of de patiënt ondraaglijk lijdt en de euthanasie op dat moment nog wil. Het moeten koersen en vertrouwen op een eerdere verklaring zonder daarover met de patiënt zelf nog te kunnen communiceren werd als belangrijk knelpunt ervaren.

Dezelfde discussie werd en wordt verwoed gevoerd via opiniestukken, tweets en discussieprogramma’s, zeker sinds een groep artsen een petitie startte, inclusief advertenties in kranten, met de oproep niet stiekem euthanasie uit te voeren. Ik zie hierbij gebeuren wat vaak gebeurt bij debatten die via de media worden gevoerd: er wordt sterk gepolariseerd, emotionele taal en frames vliegen je om de oren. Respect voor elkaars standpunt en elkaar bevragen raakt steeds meer uit beeld. Hierdoor is het schier onmogelijk om de discussie verder te brengen en elkaar te naderen, laat staan te leren van elkaars standpunten. Zonder begrip kunnen we waarschijnlijk niet verbinden.

Dit vind ik een groot gemis, want het eigenlijke probleem wordt niet opgelost , eerder verergerd. Patiënten, maar evengoed artsen weten niet meer waar ze aan toe zijn en of, hoe en wanneer een euthanasieverzoek nu kan en mag worden uitgevoerd. Bij dit ongelooflijk ingewikkeld vraagstuk horen zeker emoties en spelen eigen ervaringen en opvattingen een belangrijke rol. Tegelijkertijd helpen simplificaties niet. Beweren dat een wilsverklaring voldoende is voor euthanasie doet ook geen recht aan de werkelijkheid. In dit duivelse dilemma moet elke arts zijn eigen professionele en persoonlijke afweging kunnen blijven maken.

Ik pleit ervoor dat we terug gaan naar het voeren van dialogen in plaats van debatten. Er zijn tegenstellingen, en deze moeten we juist scherper krijgen om verder te komen. Emoties horen erbij, maar ook medische, ethische en juridische argumenten behoren uitgewisseld te worden.

De focus van het debat richt zich met name op de schriftelijke wilsverklaring. De KNMG heeft al eerder aangegeven dat deze verklaring een belangrijk document is, maar geen garantie biedt op euthanasie. Wij pleiten ervoor dat alle partijen reële verwachtingen geven aan patiënten en hun familie. Wij adviseren dat arts en patiënt tijdig en regelmatig met elkaar in gesprek gaan op basis van het schriftelijke euthanasieverzoek. De arts zal zeker bij patiënten met dementie regie moeten houden en zijn grens duidelijk moeten aangeven. De patiënt zal voor zichzelf deze grens moeten markeren en mede bewaken. De kunst is dat arts en patiënt in gezamenlijkheid de ‘window of opportunity’ weten te vinden. Daar staat de KNMG voor: respect en ruimte voor arts en patiënt, die ieder hun eigen afwegingen kunnen maken.

René Héman, voorzitter artsenfederatie KNMG

Zie ook

Meer columns van René Héman

Geef uw reactie

Nog 4000 tekens over

Delen via

Terug naar boven Stel uw vraag!
Uw browser wordt niet ondersteund. Sommige functies van deze site werken mogelijk niet correct. Wij adviseren u een andere browser te gebruiken.